Volgens architect Sascha Glasl van space&matter en architecte Beata Labuhn zijn er meerdere houdingen ten opzichte van transformatie te onderscheiden. De meest voorkomende houdingen worden verbeeld in de volgende zes karaktertypes: de materialist (conserverend), de tijdreiziger (reconstructief), de essentialist/estheet (een dominant formeel aspect uitvergrotend), de verhalenverteller (werkend vanuit de interpretatie van het historische verhaal), de pragmaticus (praktisch en economisch), de rebel (rigoureus en innovatief).
In de SWEETS workshops nemen de ontwerpers bewust een specifieke houding aan wanneer zij een brugwachtershuisje tot een hotelkamer moeten transformeren. Van daaruit zoeken de ontwerpers naar de kennis die ze nodig hebben, naar de juiste ruimtelijke ingreep en vormentaal en naar een vocabulaire waarmee zij hun ingreep beschrijven. Glasl vertelt over de mogelijkheden in vocabulaire zoals vervorming, verplaatsing, optoppen, toevoegen, contrasteren en meer. Voor Glasl kan een contrasterend vocabulaire te voor de hand liggend zijn. Glasl vindt dat architectuur vragen moet oproepen bij de gebruiker of bezoeker en dat de transformatie niet in een keer duidelijk hoeft te zijn.
Tot nu toe hebben er twee workshops plaats gevonden met studenten uit Madrid, Aken, Delft en La Paz. De eerste workshop richtte zich op de karaktertypes van de pragmaticus en de rebel. Het ging om het ontwikkelen van een corporate hotel identity dat op alle brugwachterhuisjes toepasbaar zou zijn. In deze workshop verwijderden de ontwerpers alles in het bestaande interieur inclusief bestaande wanden, vloeren en trappenhuizen, waardoor ze een maximaal speelveld voor de hotelkamer creëerden. Vervolgens voegden de studenten standaard vier elementen toe (douche, bed, tafel, wc) en creëerden een verwijderbare laag aan de gevel. Deze verwijderbare laag kon adverterend gebruikt worden voor de uitbater van het huisje. Vervolgens vergrootten de ontwerpers één van de vier elementen, met het gevolg dat je hele kamer een douche werd, of één gigantisch bed.
De tweede workshop ging uit van de houding van de tijdreiziger, waarbij de ontwerpers in de geest - en met omarming van de vormentaal en de materiaaltoepassing - van de oorspronkelijke architect gingen ontwerpen. Daar maakte vooral één studentenontwerp indruk op Glasl en Labuhn. Het herontwerp betrof het brugwachterhuisje op de Willemsbrug uit 1928 dat een voorbeeld is van de Amsterdamse School. Het studentenontwerp pleitte voor het behoud van het harmonische sculpturale uiterlijk van het huisje, dat ontworpen is door Piet Kramer. In de geest van Kramer ontwierp zij op een uiterst consciëntieuze manier een Amsterdamse School-interieur met een sierlijk bed, inclusief zit- en opbergelementen, dat correspondeert met de ronding van het dak.
Op de vraag wat hij tot dusver met de workshops heeft bereikt, antwoordt Sascha Glasl dat hij veel kennis heeft opgedaan en daardoor met zelfvertrouwen een transformatieproject aan zou kunnen: “We hebben nu gereedschap.”
Geïnteresseerde ontwerpers (minimum Masterstudenten) kunnen zich nog aanmelden voor de workshops op 5-9 augustus (de essentialist/estheet) en 2-6 september (de verhalenverteller). Stuur je portfolio en je aanmelding naar: sweets@spaceandmatter.nl
(ARCAM/Francine van den Berg)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten